Afstandsleren heeft de Toekomst, zeker bij Masteropleidingen
Prof. dr. Herman van den Bosch. Decaan faculteit managementwetenschappen Open Universiteit en hoogleraar management educatie

Steeds meer volwassenen studeren. Dat komt deels uit interesse. Maar ook omdat ze hun competenties willen bijhouden of omdat de werkgever om een bepaalde opleiding vraagt. De wens van volwassenen om te studeren heeft geleid tot een toename van de vraag naar ‘afstandsonderwijs’ of zoals we het vanaf nu zullen noemen: ‘thuis begeleide zelfstudie’. Thuis studeren is overigens niets nieuws. Onderwijsinstellingen bieden van oudsher de mogelijkheid om een diploma te behalen door zelfstudie. De methode waarop dat gebeurt is wezenlijk veranderd, mede door het toenemende gebruik van het internet.

Van het verwerven van kennis naar het verwerven van competenties


Wie tien jaar geleden een cursus voor zelfstudie bestelde ontving een aantal lessen op papier. Teksten die in menig opzicht leken op de colleges aan de universiteit of hogeschool. Ze werden afgesloten met een aantal vragen die studenten soms moesten opsturen. Aan de reguliere universiteiten en hogescholen maakt ‘kennisoverdracht’ plaats voor ‘competentiegericht leren’. Van studenten wordt dan niet meer in de eerste plaats gevraagd de ‘stof’ te ‘beheersen’. In plaats daarvan leren ze om kennis te gebruiken bij het verhelderen, analyseren of zelfs oplossen van ‘realistische’ problemen.
Een cursus die volgens dit principe werkt bestaat in de regel uit een reeks in moeilijkheid opklimmende opdrachten, gebaseerd op situaties uit de praktijk. Aan het begin van de cursus worden aanwijzingen gegeven hoe een probleem aangepakt kan worden. Naarmate de cursus vordert, nemen de aanwijzingen af en aan het einde voeren ze een opdracht geheel zelfstandig uit. Soms gebeurt dit, net als bij een traditioneel tentamen, op locatie. Vaak ook kunnen studenten een opdracht thuis uitwerken en deze vervolgens insturen.
De voorbereiding op een ‘ouderwets’ tentamen is vaak een kwestie van ‘blokken’: de literatuur aandachtig doorlezen, onderstrepen, een uittreksel maken (of lenen), oude tentamens bekijken en een kans wagen. Competentiegericht onderwijs vergt een andere werkhouding. Sommigen staan hier in het begin onwennig tegenover. Echter, accrediterende instanties accepteren niet meer dat het hoger onderwijs diploma’s geeft voor het reproduceren van kennis alleen.

‘kennisoverdracht’ maakt plaats voor ‘competentiegericht leren’

Het gebruik van internet


In competentiegericht onderwijs staan de opdrachten centraal en bij elke opdracht wordt materiaal verstrekt. Dat is in de eerste plaats achtergrondinformatie over het ‘probleem’. Deze bestaat vaak uit een korte beschrijving van een bedrijfssituatie en ander informatiemateriaal. In de tweede plaats wordt wetenschappelijke literatuur aangereikt. Deze is niet in de eerste plaats bestemd om van begin tot het einde te worden gelezen, maar om gericht informatie te zoeken. Opdrachten worden soms ingeleverd en nadat de docent ze heeft voorzien van commentaar, kunnen ze ter beoordeling worden voorgelegd. Het gebruik van internet maakt het mogelijk om het overzicht te bewaren en ook de communicatie tussen docenten en studenten op een eenvoudige manier te regelen.

Blended learning


Er is veel onderzoek gedaan naar de effectiviteit van ‘thuis begeleide zelfstudie’. Een derde van het aantal onderzoeken wijst op betere resultaten dan leren op school, één derde juist niet en één derde vindt geen noemenswaardige verschillen. De reden voor deze ambivalente uitkomst ligt in het feit dat sommige onderzoeken met willekeurige groepen studenten werken en anderen studenten selecteren op hun voorkeur voor een bepaalde wijze van studeren. Zeker is dat studenten die kiezen voor ‘thuis begeleide’ zelfstudie over de nodige zelfdiscipline moeten beschikken.
De wens om een stok achter de deur te hebben, maar ook de wens om af en toe te kunnen discussiëren met medestudenten heeft ertoe geleid dat instellingen voor afstandsonderwijs geregeld onderwijsbijeenkomsten aanbieden. In sommige gevallen is dat éénmaal per week, maar vaak ook minder en soms is er per cursus een tweedaags seminar. In die gevallen spreken we van ‘blended learning’. De ervaring leert trouwens dat studenten veel makkelijker gebruik maken van de mogelijkheid om ‘virtueel’ te communiceren als ze elkaar eerder hebben ontmoet. Deelname aan dergelijke bijeenkomsten is in de regel niet verplicht en studenten dienen er ook extra voor te betalen.

Toekomstige ontwikkelingen


Instellingen die ‘thuis begeleide zelfstudie’ aanbieden hebben meer dan gewone onderwijsinstellingen de mogelijkheid om het studieaanbod te individualiseren. Ze zullen steeds meer rekening houden met reeds verworven competenties. Binnen een aantal jaren zal het normaal zijn dat volwassenen die een opleiding gaan volgen eerst een procedure tot erkenning verworven competenties (EVC) doorlopen en mogelijk op grond daarvan een aantal vrijstellingen krijgen. In de tweede plaats biedt het gebruik van informatie- en communicatietechnologie (internet) de mogelijkheid om rekening te houden met leervoorkeuren van studenten. Studenten die eerst graag bijvoorbeeld theorie bestuderen voordat ze opdrachten maken kunnen die voorkeur aangeven en het onderwijsarrangement past zich daarop aan.
Ook technisch staat ons het een en ander te wachten. Bij ‘thuis begeleide zelfstudie’ dienen studenten gebruik te maken van de pc, maar voor het lezen van teksten prefereren de meeste studenten schriftelijke informatie. Het is wat lastig alle benodigde hulpmiddelen mee te nemen in bijvoorbeeld de trein, voor veel studenten een favoriete plek om te studeren. De groeiende populariteit van de tabletcomputer, met de handzaamheid en gebruiksvriendelijkheid van een boek, betekent een uitkomst.
Op afstand begeleide zelfstudie heeft de toekomst, zeker in combinatie met zorgvuldig ontworpen ondersteuning door internet en de mogelijkheid om dankzij ‘blended learning’ toch van de voordelen van contactonderwijs te profiteren.