Het vergelijken van Masteropleidingen

Zijn ze wel te vergelijken is de eerste vraag die dan naar boven komt. Bij het vergelijken of zelfs certificeren van verschillende opleidingen is het heel moeilijk objectieve criteria voor te vinden. In dit artikel worden diverse criteria aangeboden waarmee u voor u zelf kunt bepalen als een aangeboden Masteropleiding voor u de juiste is.

Het gebruikte lesmateriaal is belangrijk, maar op welk niveau dat getentamineerd wordt, is moeilijk van buitenaf vast te stellen. De stof uit hetzelfde boek kan men heel makkelijk en praktisch of moeilijker en op een hoger abstractieniveau toetsen. Ook het aantal contact-uren geeft weinig houvast. Zelfs de prijs van een opleiding zegt niets over de kwaliteit. Eigenlijk geven alleen de namen van het docentencorps enig houvast, aannemend dat zij zelf het onderwijs verzorgen. Welke
bekendheid en faam hebben zij op hun vakgebied?

Ook de verantwoordelijke onderwijsinstelling geeft maar beperkt houvast. Hogescholen en universiteiten leveren verschillende eindproducten, de vraag is alleen waar de deelnemer vooral behoefte aan heeft in zijn/haar situatie.

Men kan verschillen dus alleen subjectief waarderen. Het nevenstaande geeft slechts een overzicht op welke punten men kan vergelijken, maar niet welke waarde men aan een verschil zou moeten geven. Hoe belangrijk een bepaald verschil is, is afhankelijk van persoonlijke behoeften en waardeoordelen.

Te vergelijken punten:

  • Wat is de doelgroep; aankomende of ervaren managers, alleen managers of ook stafleden. Alleen deelnemers met een bepaalde vooropleiding of allerlei disciplines.
  • Wat is de inhoud; welke vakgebieden omvat de stof.
  • Is de opleiding vooral gericht op het bedrijf in zijn omgeving, strategie, marketing, enz. dus extern gericht (MBA) of juist vooral gericht op het intern organiseren en het realiseren van de strategie (MBM) of op bepaalde bedrijfstakken, gezondheidszorg of overheid (MBPM) of op specifieke gebieden binnen het bedrijf zoals Human Resources, Logistiek of Informatie (MBL, MBI e.d.)
  • Wat zijn de toelatingseisen; alleen bepáálde vooropleidingen of juist multidisciplinair, een test of bepaalde diploma's of een zelftest als eerste blok van het programma.
  • Hoeveel studie-uren vergt de opleiding totaal en per week in hoeveel jaar. Hoeveel weken per jaar.
  • Wie zijn de docenten; welk niveau en welke onderwijs- en praktijkervaring.
  • Zijn de docenten zelf de auteurs van het lesmateriaal, dictaten of boeken, en treden ze zelf op in de cursus.
  • Zijn de docenten afkomstig van één onderwijsinstituut of van diverse. Het ligt niet voor de hand dat één instelling op alle vakgebieden de topmensen van het onderwijs en wetenschap in Nederland in dienst zal hebben. Snelle vervanging van een docent die minder goed voldoet, is dan ook moeilijker.
  • Zijn er veel docenten uit het bedrijfsleven in de cursus opgenomen.
  • Ervaring leert dat de samenhang van de stof dan voor de student moeilijk duidelijk wordt. Sommige bedrijfsdocenten geven vooral ad hoc verhalen en soms zelfs een (gelegenheids) theorie. Dat kan ter illustratie van de reeds opgedane kennis en theorie zinvol zijn maar als die ontbreekt, schept het alleen verwarring bij de studenten. Een consistente theorie-overdracht is belangrijk.
  • Welke breedte heeft het programma; blijft het binnen één vakdiscipline, bijvoorbeeld de technische of de informatica, of worden ook verschillende andere disciplines aan de orde gesteld. In welke verhouding.
  • Is er een duidelijke rode draad in het programma te onderkennen. Wat is de filosofie achter de programma-opzet. Heeft één persoon een compleet overzicht van de lesstof in het programma en is die daarvoor primair verantwoordelijk en aanspreekbaar.
  • Worden individuele vakken wel of niet getentamineerd en gebeurt dit op academisch niveau.
  • Wordt de kwaliteit van de opleiding extern gecontroleerd. Zijn er academische visitatiecommissies en zijn die nationaal of internationaal samengesteld.
  • Is de leergang deels in, deels buiten werktijd of geheel buiten werktijd.
  • Is er veel of weinig contact met docenten, is er individuele begeleiding, wordt er in groepen gewerkt aan opdrachten, wat gebeurt er aan sociale vaardigheden. Is de groep mono- of multidisciplinair samengesteld.
  • Kan men de leergang onderbreken en eventueel later weer opnemen.
  • Behaalt iedereen die trouw alle bijeenkomsten bezoekt het Master's diploma of is er een reële toets op de individuele eindkwaliteit.
  • Studeert men af op een literatuurscriptie of moet men een echt praktijkprobleem analyseren en oplossen. Wordt die afstudeerfase individueel begeleid of moet de student het maar zelf doen.
  • Is de continuïteit van de opleiding safe.
  • Is de leergang gedeeld in blokken die een samenhangend en afgerond geheel vormen zodat men ook onderweg compleet kan stoppen zonder met lege handen te staan. Worden er deelcertificaten of dergelijke voor die blokken afgegeven.
  • Moet men zich direct (ook financieel) voor de gehele leergang vastleggen of kan dat in blokken.