Opleiding en Training van het Financieel Management
Auteur: Prof dr M. van der Nat is directeur van RISKMATRIX B.V. te Driebergen. Hiernaast is hij hoogleraar treasury management aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Veranderende trainingsbehoefte


Terugkijkend kan vastgesteld worden dat er in de afgelopen jaren veel veranderd is in de financiële wereld. Op het eerste gezicht zou men zelfs kunnen vermoeden dat de behoefte aan opleidingen en trainingen voor het financieel management is verminderd. Schaalvergroting door fusies en overnamen waarbij financiële afdelingen geïntegreerd worden, de introductie van de Euro en de verder gaande toepassingen van automatisering en elektronic banking lei-den immers al gauw tot minder functionarissen in het financieel management met alle gevolgen van dien voor de trainings behoefte.

Er hebben zich echter ook een aantal ontwikkelingen voorgedaan die juist in een toenemende training behoefte resulteerden. De belangstelling voor de corporate governance, de wijze waarop het ondernemingsbestuur is geregeld, heeft er voor gezorgd dat het risico manage-ment van ondernemingen hoog op de agenda is komen te staan van bestuur en raad van commissarissen. Er is misschien een tijd geweest waarin het algemeen management bij een debacle door een verkeerd gebruik van financiële instrumenten nog kon wegkomen met de mededing dat er buiten hun weten iets mis was gegaan op de financiële afdeling. Wettelijke bepalingen en de code Tabaksblat hebben er echter voor gezorgd dat die tijd nu in ieder geval voorbij is.

Uiteraard geeft dit consequenties voor de directies en raden van commissarissen zelf. Zij zullen er in ieder geval voor moeten zorgen dat binnen hun gremia voldoende expertise aanwezig is, waarbij men zich goed moet realiseren dat men collectief verantwoordelijk is, waarbij men zich niet kan verschuilen achter een eventuele portefeuillehouder financiën of chief financial officer.

Procesbewaking voldoende


Voor het financieel management zelf heeft een en ander ook consequenties. Allereerst zal het financieel management er alles aan moeten doen om voldoende kennis en expertise te houden op het gebied van het risk management. Hier zal zeker de nodige aandacht aan gegeven moeten worden, want dit vakgebied ontwikkelt zich razendsnel. Duidelijk is dat lang niet alle bedrijven de meest geavanceerde mathematische technieken zullen moeten inzetten om de risico’s in kaart te brengen en om deze met scenario analyses en andere technieken te optima-liseren. Maar naarmate de risico’s groter en ingewikkelder worden zal het gebruik van geavan-ceerdere technieken niet te ontkomen zijn. Een beleggingsportefeuille van een pensioenfonds, de leningenportefeuille van een woningbouw corporatie of het valutarisico van een luchtvaart-maatschappij kan eenvoudigweg niet meer zonder dergelijke technieken gemanaged worden. Het is dan ook niet voor niets dat naast bedrijfseconomisch en bedrijfskundig geschoolden meer en meer mensen met een exacte studie de weg vinden naar beleggingsafdelingen, trea-sury’s en consultancy bedrijven. Ook in situaties waarin aparte medewerkers verantwoordelijk zijn voor het daadwerkelijke dagelijkse risico management, kan het financieel management er niet aan ontkomen om de nodige kennis te hebben van deze technieken om de eigen afdeling adequaat te kunne leiden. Een financieel management dat zich uitsluitend met procesbewaking bezig houdt zonder zelf enige inhoudelijke verantwoordelijkheid te nemen is levensgevaarlijk voor de onderneming.

Het blijft hier echter niet bij. Misschien wel de belangrijkste taak van het financieel manage-ment is er voor te zorgen dat de bedrijfs top voldoende inzicht verkrijgt in de financiele risi-co’s, de mogelijkheden om deze risico’s te beheersen en de systemen en processen die het risico management monitoren. Voor veel financieel managers die al gewend zijn om intensief contact over de financiele bedrijfsvoering te hebben met hun directies zal dat geen enkel pro-bleem zijn. Voor heel wat anderen is het echter wel een nieuwe situatie. Zij zullen naast hun rol als manager van een afdeling en mogelijk ook als uitvoerder van grote financiele transacties, nu een spilfunctie krijgen in de communicatie met de bedrijfs top. Opleidingen op executive level met aandacht voor management en finance beide kunnen hier behulpzaam zijn.

Business centraal


Bij dit alles komt echter nog een relatief nieuw aspect. In het verleden beperkten veel financiële managers zicht tot de dagelijkse taken van de financiele afdeling. Leningen werd aangetrokken wanner de directie dat nodig vond voor investeringen, valuta’s werden gekocht wanneer de commerciële afdeling deals had gesloten, met banken werk onderhandeld over tarieven en de loonadministratie werd ingericht naar de eisen van de fiscus. In de huidige tijd waarin de corpo-rate governance veel meer eisen stelt aan het risico management is dat echter niet meer vol-doende. Steeds meer wordt verwacht dat het financieel management inzicht heeft in de finan-ciële risico’s’ verbonden aan de business. Het financieel management zal niet alleen dollars moeten kopen wanneer deze nodig zijn, maar zal zich samen met anderen binnen het bedrijf moeten beraden over de consequenties van een onverwachte koersontwikkelingen op de con-currentiepositie. Anders geformuleerd: de financieel manager moet qua persoonlijkheid en qua kennis voldoende in huis hebben om inzicht te hebben in de business en de financiele risico’s van het bedrijf als geheel. Hiernaast is het van essentieel belang dat hij binnen het bedrijf als volwaardig gesprekspartner kan fungeren.

Alsof dit alles nog niet genoeg is zijn tegelijkertijd de pure management taken ook aanzienlijk zwaarder geworden. De introductie van nieuwe verslaggevings regels en automatiseringstra-jecten om efficiënter te kunnen werken, om de risico’s beter in kaart te brengen of om de fis-cus beter van informatie te kunnen voorzien, blijken doorgaans een grote werklast met zich mee te brengen.

Consequenties voor opleiding en training


Samenvattend komt het erop neer dat de het financieel management zoals ook in het verleden het geval was ook nu nog nodige tijd zal moeten besteden aan het op peil houden van experti-se en kennis, zij het dat hier geleidelijk aan wel wat meer eisen aan gesteld worden. De be-langrijkste nieuwe ontwikkeling is echter dat een financieel manager die wil overleven er niet aan ontkomt om meer en meer als algemeen manager binnen het bedrijf te functioneren en vanuit die positie inzicht te krijgen in de business. Voor de chief financial officer is dat in wezen niet nieuw, maar voor anderen functionarissen zoals de corporate treasurer is dit een nieuwe ontwikkeling. Vanuit trainingen en opleidingen oogpunt betekent dit dat naast het vakinhoude-lijke ook aandacht aan andere aspecten moet worden gegeven. In dit kader is het dan ook niet verbazingwekkend dat postdoctorale opleidingen zoals de controllers opleidingen en de regis-ter treasurer opleiding van de Vrije Universiteit steeds meer de neiging hebben om hierop in te spelen. Tegelijkertijd gebeurt er dermate veel op het vakgebied zelf dat de behoefte aan korte intensieve trainingen op deelgebieden zeker zal blijven bestaan. Hierbij moet er wel rekening mee gehouden worden dat deze behoefte wel van jaar tot jaar sterk kan wisselen.