Opvallende Uitkomsten van de eerste Millian/NIDAP Opleidingsmarktmonitor

drs. S. van den Berg, redacteur Millian

Vorige maand is de eerste Millian/ NIDAP Opleidingsmarktmonitor voor professionals uitgekomen. Het onderzoek is uitgevoerd door NIDAP in opdracht van Millian en zal jaarlijks herhaald worden. Naast trends in de opleidingenmarkt voor hogeropgeleiden en gedrag van (potentiële) studenten in deze markt, onderzoekt de opleidingsmarktmonitor de opleidingsbehoeften en wensen van de professional als student. Wat kan de waarde van de opleidingsmarktmonitor zijn voor opleidingsinstituten en gerelateerde organisaties en bedrijven? Als we kijken naar enkele van de uitkomsten dan zien we hoe het rapport opleiders en andere organisaties kan helpen in het afstemmen van hun (opleidings)aanbod, produkten en informatievoorziening op de wensen en behoeften van hun doelgroep.

Onderzoeksgroep

Het onderzoek is steekproefsgewijs afgenomen door middel van webinterviews onder hogeropgeleide professionals. Deze groep heeft een opleiding op minimaal HBO niveau. Daarnaast is zij beperkt tot die professionals die reeds interesse hebben getoond in het volgen van een vervolgopleiding. De gemiddelde leeftijd van de ondervraagden is 37 jaar waarbij er een vrijwel gelijke man-vrouw verdeling is. Verder is tweederde van de onderzoeksgroep werkzaam in een bedrijf met meer 100 werknemers. Wat betreft de aard van de werkzaamheden heeft een kwart van de onderzoeksgroep management en/ of directietaken en overheersen de vakgebieden P&O, Financieel-Economisch, Verkoop en Consultancy.

Inhoud van het rapport

Het rapport onderzoekt ten eerste de “ontwikkelingen in de opleidingenmarkt” voor hogeropgeleiden. Dit gedeelte valt uiteen in twee delen (hoofdstukken 2 en 3): post HBO opleidingen en masteropleidingen, en (in een tweede sectie) bedrijfsopleidingen, trainingen en cursussen in persoonlijke effectiviteit. Hoofdstuk 4 besteedt aandacht aan het keuzeproces van de doelgroep in het kiezen van een vervolgopleiding. In het laatste hoofdstuk van het rapport komen “productinhoudelijke kenmerken van vervolgopleidingen” voor hogeropgeleiden aan de orde (“opleidingsonderwerpen”, “gewenste leervorm” en “gewenste duur van de opleiding”).

Ontwikkelingen in de opleidingenmarkt

Het eerste gedeelte van “ontwikkelingen in de opleidingenmarkt” bespreekt de categorie “post HBO en masteropleidingen”. Dit zijn voornamelijk langerdurende vervolgopleidingen.
Een kwart van de onderzoeksgroep volgt op dit moment een langer durende vervolgopleiding en 28 procent is van plan in de komende twee jaar een vervolgopleiding te gaan doen. We zien dat vooral de HBO’ers een interessante doelgroep blijken te zijn voor aanbieders van langerdurende vervolgopleidingen. Het tweede gedeelte behandelt kortere vervolgopleidingen: bedrijfsopleidingen en trainingen en/ of cursussen in persoonlijke effectiviteit. Bijna driekwart van de respondenten heeft aangegeven binnen een jaar een bedrijfsopleiding of andere korte training en/ of cursus te willen gaan volgen.

Het keuzeproces

In het rapport is een belangrijk gedeelte weggelegd voor het keuzeproces van professionals bij het kiezen van een vervolgopleiding. Belangrijke vragen die aan de respondenten werden voorgelegd waren: Wie neemt het initiatief voor het volgen van een vervolgopleiding, de student zelf of zijn of haar werkgever? Wat kiest men eerst, de opleiding of de opleider? En hoe lang duurt het keuzeproces? Opvallend is dat 96 procent van de ondervraagden zelf het initiatief neemt voor het volgen van een vervolgopleiding (in plaats van bijvoorbeeld de werkgever). Neemt de student zelf het initiatief dan beslist hij of zij in de meeste gevallen ook over voorkeursopleidingen en - opleiders. Bij 62 procent zijn aanvankelijk zowel opleiding als de opleider nog onduidelijk. Volgens het rapport duidt dit op “het belang en de mogelijkheden van goede marketing door aanbieders” (47). Verder valt op dat het gehele keuzeproces slechts een korte tijd omvat, enkele maanden tot hoogstens een jaar. Op welke wijze laten respondenten zich voorlichten over opleiders en opleidingen? We zien dat 80 procent van de ondervraagden dit doet door middel van de aloude folders en informatiebrochures van de opleidingsinstituten zelf. Daarnaast hechten de respondenten veel belang aan internetsites. De eigen websites van opleiders worden door een overgroot gedeelte het belangrijkst gevonden (86 procent). Daarnaast valt op dat ook groot belang wordt gehecht aan websites met verschillende opleidingen en opleiders, en vergelijkingssites. Van de groep ondervraagden die een onbekostigde master wil gaan volgen vindt 72 procent sites met meerdere opleidingen en opleiders “belangrijk” tot “zeer belangrijk”. Bij de groep die van plan is een post HBO of postdoctorale opleiding te gaan volgen is dit zelfs 79 procent.
Van de ondervraagden heeft 80 procent een voorkeur voor een deeltijdopleiding. De relatief grootste groep die wel de voorkeur voor een voltijdsopleiding heeft is de groep die een bekostigde master (willen gaan) volgen, hetgeen vaak een initiële master betreft. Deze groep is dus minder interessant voor aanbieders van post HBO en postdoctorale opleidingen.

Opvallend zijn ook de uitkomsten wat betreft de bereidwilligheid tot reizen van (potentiële) studenten. Deze bereidwilligheid blijkt een belangrijke rol te spelen in de keuze voor een vervolgopleider. Maar een kwart van de ondervraagden is bereid meer dan een half uur te reizen naar het opleidingsinstituut. 30 Procent is bereid hier tot drie kwartier aan te besteden. Daar komt bij dat de traditionele vorm van het contactonderwijs nog steeds zeer op prijs gesteld wordt. 42 Procent wenst een combinatie van contactonderwijs en e-learning, 36 procent wenst enkel contactonderwijs.

Voor meer informatie over de Millian/NIDAP Opleidingsmarktmonitor: J.P. Simons, tel 070 324 71 71